‘WAR, yeah, what is it good for? Absolutely nothin’!’ zong de Amerikaan Edwin Starr in de jaren ‘70. Het werd een enorme hit en Bruce Springsteen deed het in de ’80-er jaren nog eens dunnetjes over. Oorlog, waar is dat goed voor? Het is een vraag die, als ik de media geloven moet, momenteel actueler is dan ooit.
Mijn hoogbejaarde ouders hebben beiden de 2e wereldoorlog meegemaakt. Mijn moeder heeft als meisje bij haar oma in de kelder een bombardement overleefd. Toen na uren en uren van spanning de rust eindelijk was weergekeerd, hebben zij, haar moeder en haar oma zich tussen het puin door een weg uit die kelder moeten banen. Haar oma’s huis was veranderd in een bouwval.
Dat nooit meer!
Zo’n twintig jaar later kwam ik ter wereld en zowel mijn ouders als nagenoeg iedereen in die tijd leefde met de diep gekoesterde wens: DAT NOOIT MEER! En het zou ook nooit meer gebeuren. Er was nu immers een krachtige internationale militaire organisatie, de NAVO genaamd, die voortaan de vrede zou bewaken. Weliswaar ontvouwde zich binnen de kortste keren de zogenaamde koude oorlog, waarbij er niet met bommen gegooid werd, maar wel volop mee werd gedreigd. De wapenwedloop resulteerde in een enorm arsenaal kernwapens aan beide zijden, genoeg om de hele wereld meerder keren te vernietigen.
Overal in de wereld en ook in Europa, denk aan Ierland, bleven nieuwe brandhaarden ontstaan. In Indonesië, Korea, Vietnam, Cuba, Algerije en op nog veel veel meer plekken. Bij nogal wat van die conflicten was Amerika betrokken en die inmenging werkte vaak niet bepaald de-escalerend. Zangers als Bob Dylan en in eigen land Boudewijn de Groot hadden dat in de gaten en poogden de mensheid wakker te schudden: ‘Let op mensen, er klopt hier iets heel erg niet.’ ‘Mijnheer de president’ uit 1965 is geschreven als protest tegen de Vietnamoorlog en het beleid van de toenmalige Amerikaanse president Johnson.

Inmiddels zijn we ruim een halve eeuw, honderden oorlogen en talloze andere onbegrijpelijke gebeurtenissen verder. Gebeurtenissen die er toe hebben geleid dat steeds meer mensen op onderzoek uit zijn gegaan. En uit dat zoeken, speuren, puzzelen, is een steeds duidelijker beeld tevoorschijn gekomen van de werkelijke drijfveren van de wereldleiders voor- en vooral ook van die achter de schermen. Hierdoor is volstrekt duidelijk geworden, waarom het DAT NOOIT MEER! van de naoorlogse jaren nog altijd geen werkelijkheid geworden is.
Geld
Het antwoord is even schokkend als simpel: GELD. Alle oorlogen van de afgelopen eeuwen, inclusief de 2e wereldoorlog, zijn bewust gecreëerd omdat ze onwaarschijnlijk veel geld opleverden. Hitler was een zieke geest die door de machthebbers achter het wereldtoneel werd aangestuurd. Zijn hele zogenaamde ideologie en alles dat daaruit is voortgekomen, is bewust gecreëerd drama. De grote overwinnaars waren niet de geallieerden, de zogenaamde verdedigers van het vrije westen. Nee, de werkelijke winnaar was de wereldwijde wapenindustrie.
Over de huidige tijd lees ik op internet: ‘De wapenindustrie is een enorme wereldwijde sector, met een recordomzet van zo’n 585 miljard dollar voor de top 100 bedrijven in 2024, opgedreven door de oorlogen in Oekraïne en Gaza, met de VS als grootste producent en groeiende markten in Europa.’
Geen enkel normaal denkend en voelend mens wil oorlog. Hoe krijgen de wapenproducenten ons gewone mensen dan toch zo ver dat we ten strijde trekken. Dat we meedoen met hun spel, dat we hun wapens ter hand nemen en hun tanks en gevechtsvliegtuigen bemannen? Ook dit antwoord is weinig verrassend: ANGST. Door angst voor ‘de ander’ te creëren, schep je een vruchtbare voedingsbodem voor geweld. Kijk maar naar het volgende voorbeeld.
Pais en Vree, een voorbeeld
In het land Pais en Vree leven twee bevolkingsgroepen met verschillende levensinstellingen en geloofsovertuigingen al sinds mensenheugenis in harmonie naast en met elkaar. De ene groep noemt zich Pais, de ander Vree en zo is men ooit tot de landsnaam gekomen. Op een kwade dag bedenkt iemand met forse belangen in de wapenindustrie, dat het hem goed uit zou komen als er in Pais en Vree oorlog zou uitbreken. Deze man, we noemen hem voor het gemak meneer X, huurt een handjevol makkelijke praters in die hij duidelijke instructies en een flinke som geld geeft om onrust te gaan stoken. De groep splitst zich op en mengt zich onder de jongeren van zowel Pais als Vree. Over en weer wordt verteld dat ‘de anderen’ van plan zijn een aanslag te plegen op een kerkgebouw van de eigen groep. De jongeren komen met deze verontrustende verhalen thuis en vertellen hun ouders aan de keukentafel wat ‘de anderen’ van plan zijn. ‘Daar geloof ik niks van’, is de resolute reactie van de meeste ouders. ‘De anderen zijn weliswaar anders, maar we hebben elkaar over en weer altijd gerespecteerd en hooguit wel eens een grapje over het anders zijn gemaakt. Een aanslag? Wat een onzin, hoe kom je er bij!’
Maar het ophitsen door de infiltranten gaat onverminderd door, de stemming wordt grilliger en verdorie nog aan toe, een groepje jongeren van Pais pleegt inderdaad een aanslag op een leeg kerkgebouw van Vree. Woest worden de Vree jongeren en aan de keukentafel worden heftige gesprekken gevoerd. ‘We kunnen dit niet over onze kant laten gaan, we moeten wraak nemen,’ brullen ze. ‘Niks wraak nemen’, roepen hun ouders, ‘als je daar aan begint is het einde zoek. Laat ons maar met de ouderen van Pais praten, dan lossen we het conflict wel op.’ Maar de ouderen kunnen praten zoveel als ze willen, de infiltranten doen dat ook.

Dus wordt er wèl wraak genomen en niet zo’n klein beetje ook. Een kerk van Pais wordt met de grond gelijk gemaakt op een dag dat er een drukbezochte kerkdienst gaande is. Het aantal slachtoffers is enorm. ‘Nu wordt het interessant’, meent meneer X. Via zijn infiltranten komt hij in contact met de grootste branieschoppers van beide groepen en biedt hen allerhande wapens aan. Die kosten weliswaar een vermogen, maar het land heeft grote voorraden waardevolle delfstoffen, erg ingewikkeld is het dus niet om tot een ‘voor alle partijen gunstige deal’ te komen. Dan is het hek van de dam. Iedere aanslag wordt met een ‘vergelding’ beantwoord en het aantal slachtoffers groeit en groeit. Na verloop van enkele decennia weet bijna niemand meer waarom deze verschrikkelijke oorlog ooit begonnen is. Het land ligt in puin, de bevolking is getraumatiseerd en de opbrengsten van de waardevolle delfstoffen zijn naar de nazaten van meneer X gevloeid.
Actuele dreiging
Het is begin 2026. Onze oud premier Mark Rutte, nu de hoogste baas bij de NAVO, roept om de haverklap om meer geld, om oorlog. Verschillende jonge mensen in onze omgeving zijn werkzaam bij defensie en bereiden zich voor om uitgezonden te worden. Het is moeilijk voor te stellen, maar ze doen dat in de illusie dat ze daarmee een bijdrage leveren aan het bewaren van de vrede. Hoe zijn ze daartoe gekomen? De website van defensie ziet er gelikt uit. Stoere foto’s en pakkende teksten nodigen uit er te komen werken. ‘Defensie biedt je iets wat veel andere werkgevers niet kunnen: de unieke kans om bij te dragen aan vrede, vrijheid en veiligheid. In Nederland, maar ook daarbuiten. Als militair is de kans groot dat je een tijdje naar het buitenland vertrekt. Dat kan zijn voor een vredesmissie, voor humanitaire hulpverlening of voor bondgenootschappelijke verdediging.’

Bondgenootschappelijke verdediging, samen met de NAVO dus. Het klinkt mooi, maar klopt van geen kant. De NAVO is namelijk nooit opgericht om tot werkelijke wereldvrede te komen, maar om een ‘sterk defensief blok’ te vormen tegen de gevaarlijke Russen, tegen ‘de anderen’ dus. Maar ook die anderen zijn gewone mensen, mensen met een kloppend hart die niets liever willen dan vrede. Mensen die net als iedereen zielsveel van hun kinderen houden en er alles voor over zouden hebben ze te kunnen beschermen tegen oorlogsgeweld. Want ‘the Russians love their children too’, zoals zanger Sting zingt in zijn aangrijpende lied uit 1985.
Alles begint met bewustwording, met nieuwsgierig-kritisch denken en zelf je eigen onderzoek doen. Iemand uit onze nabije omgeving heeft me – indirect – tot het schrijven van dit artikel en het maken van deze video aangezet. Hij is actief voor het creatieve ‘Loesje’ platform, denkt en schrijft mee en gaat regelmatig de straat op om de bekende wit/zwarte postertjes te plakken. Toen ik laatst bij hem thuis was, lag daar dit postertje op de hoek van een kast:

Het zijn niet meer dan speldenprikjes, de kritische songteksten van bekende zangers en posters van bijvoorbeeld Loesje. Toch zijn het dit soort speldenprikjes die uitnodigen om zelf onderzoek te gaan doen. En blijkbaar gebeurt dat meer en meer. Bij een recent RTL filmpje van een toespraak van Mark Rutte liegen de commentaren er niet om: ‘Wie heeft nog enig geloof in deze oorlogsophitser?’ vraagt iemand zich af, ‘Dit is nou het prototype van de totale psychopaat!’, meent een ander, ‘Hij krijgt overduidelijk steekpenningen van wapenfabrikanten’ en ‘Het is een grote leugenaar, zie zijn neus weer groeien …..’, menen weer andere lezers.
Het hek is van de dam
Niet zoals in het eerder genoemde voorbeeld waarin geschetst wordt hoe oorlogen ‘gecreëerd’ worden, maar op het gebied van ‘ontwaken’. Want net als de generatie van mijn ouders in de jaren ’60 wil ook nu niemand oorlog. Het grote verschil tussen toen en nu is dat er veel meer informatie beschikbaar is over de werkelijke beweegredenen van de grote spelers op het wereldtoneel. Het deksel is van de beerput, het is nog slechts een kwestie van tijd voordat iedereen het ‘spel’ doorziet. En dán? Dan kan de wapenindustrie wapens maken zoveel ze willen, en kunnen de leiders achter de schermen stoken zoveel als ze willen, er zal dan niemand meer zijn die de wapens nog zal opnemen.
Klik HIER om de mini-documentaire ‘Oorlog – pas op – niet voeren’ op YouTube te bekijken.





